Campsis radicans

Decoratief blad Bladverliezend Groot Opvallende vrucht Volle zon Opvallende bloei

Description

Campsis radicans, de Amerikaanse Trompetklimmer is een zeer opvallende, exotisch uitziende, bladverliezende klimplant. Hij bloeit in augustus-september met grote rode of roodoranje trompetbloemen. Er bestaat ook een vorm (‘Flava’) met gele bloemen. De bloemen zitten in trossen bijeen aan de toppen van lange overhangende twijgen. Het kan wel enkele jaren duren voor hij bloeit. Moet in volle zon staan en bloeit niet na een koele zomer. Kan 10 – 12 m hoog  worden.
Deze soort is inheems in het zuidwesten van de Verenigde Staten. Het is in Amerika een van de meest geliefde waardplanten voor de Colibri.
Waarschijnlijk werd de eerste Amerikaanse Campsis in 1638 aangeplant in de Barberini-tuinen in Rome, waar hij bekend was onder de naam ‘Indische jasmijn’ of ‘Jasmijn van Virginia’, een verwijzing naar zijn Amerikaanse afkomst.
Aanraking van het blad kan bij sommige mensen huidirritatie geven.

Shape

  • Growing habit: snelgroeiende slingerplant met zeer veel houtige takken die zich via luchtwortels vasthechten. Eens hij de top heeft bereikt, ontwikkelen zich horizontale, vaak afhangende takken die op zoek gaan naar licht en ruimte. Vormt een heel dicht scherm
  • Height: 10-12 m
  • Width: 6-10 m
  • Vigour: zeer sterk
  • Root system: veel wortelopslag; zeer goed bestand tegen verdichting

Leaf

  • Shape: Tegenoverstaand, oneven geveerd, samengesteld uit 9 tot 11 blaadjes; de deelblaadjes zijn ovaal tot lancetvormig met spitse top en een sterk assymetrische basis, 3-8 cm lang en 1-4 cm breed; rand gezaagd; het gehele blad is 15-30 cm lang. Bovenkant kaal, onderzijde donzig behaard.
  • Color: frisgroen
  • Fall color: geelgroen
  • Special features: Loopt laat uit (in mei). Blad kan bij aanraking huidirritatie veroorzaken

Flower

  • Shape: bloemen met vijf lobben met een klokvormige kelk ong. 1,5 cm lang, diep ingesneden; trompetvormige bloemkroon steekt boven de kelk uit, 5-8 cm lang en 2-3 cm breed; vier meeldraden, tweedelig bovenstandig vruchtbeginsel. Bloemen staan in losse trossen van een tiental bloemen op het einde van eenjarige scheuten.
  • Color: oranjerood tot rood
  • Point of time: augustus-september
  • Special features: Het kan enkele jaren duren voor hij in bloei komt; bloeit laat, op het eenjarige hout.

Fruit

  • Shape: tweelobbige, houterige capsule in de vorm van een afgeplatte sigaar, 10-20 cm lang
  • Color: olijfgroen
  • Point of time: vanaf ooktober, blijft zeer lang hangen

Stem

  • Stem / bark: Jonge scheuten zijn groen en fijn behaard, oudere takken houtig, grijsbruin. Hechtwortels over de hele lengte van de takken.

Cultivation requirements

  • Stand: Zonnige, enigszins beschutte standplaats
  • Ground: Goed gedraineerde, maar vrij vochtige grond, humusrijk en vruchtbaar. Neutraal tot kalkrijk. Op zware grond gevoeliger voor vorst.
  • Climate zone: 6b
  • Special features: Jonge scheuten moeten worden aangebonden tot de luchtwortels genoeg grip hebben. Op een winderige plaats kunnen de takken loskomen. Na de bloei kunnen te lange zijscheuten tot op twee of drie knoppen worden teruggesnoeid. Regelmatige snoei bevordert bloei en is nodig om een bossige plant te bekomen.Wanneer de planten te droog staan, of wanneer er late nachtvorst is opgetreden, kunnen de bloemknoppen soms massaal afvallen. Soms sterven daardoor zelfs hele takken af.

Share this page