Cornus stolonifera Flaviramea (Cornus sericea Flaviramea)

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Bladverliezend Klein Decoratieve schors Volle zon

Description

‘Flaviramea’ is een zeer aantrekkelijke cultivar van de Amerikaanse C. sericea (of C. stolonifera). Die soort is zeer nauw verwant met de in Europa inheemse rode kornoelje, C. sanguinea, en met de Aziatische witte kornoelje, C. alba. Bij de cultivar ‘Flaviramea’ zijn de takken in de winter echter niet rood maar opvallend groengeel. Hij groeit minder sterk en blijft iets lager dan zijn Europese en Aziatische soortgenoten.
‘Flaviramea’ werd rond 1890 geïntroduceerd door de Berlijnse kwekerij Spaeth, en is waarschijnlijk afkomstig uit zaad van het Arnold Arboretum in Boston (USA).
Award of Garden Merit (AGM) 1993, 2002

Shape

  • Growing habit: meerstammige, breed uitstoelende, rondvormige struik met talrijke opgaande, sterk vertakte grondscheuten die sterk doorbuigen
  • Height: 1-2 m
  • Width: 2-3 m
  • Vigour: sterk
  • Root system: Vormt zeer veel worteluitlopers; Takken die op de grond liggen schieten wortel. Goed bestand tegen verdichting

Leaf

  • Shape: kruisgewijs tegenoverstaand, aan korte stengels; enkelvoudig; gaafrandig; langwerpig eirond, scherp spits toelopend, met ronde voet, 8-12 cm lang; typisch nervenpatroon met 3 tot 5 paar zijnerven die gebogen naar de top van het blad lopen; behaard
  • Color: donkergroen, onderzijde blauwgroen
  • Fall color: oranjegeel tot rood
  • Special features:

Flower

  • Shape: kleine stervormige, viertallige bloemen (0,5-1 cm), met 4 meeldraden, 1 stijl en 1 stempel; staan op korte zijtakjes in vlakke bloemschermen van ong. 5-7 cm
  • Color: crèmewit
  • Point of time: mei-juni
  • Special features: Bloei is meestal niet erg opvallend. Bij struiken die in de winter zijn gesnoeid, blijft de bloei zelfs achterwege omdat ze bloeien op overjaars hout.

Fruit

  • Shape: kleine bolronde steenvruchtjes, 6 mm groot, staan in trosjes bij elkaar aan rode stengels; elke vrucht bevat een ronde steen.
  • Color: wit, bladstelen rood
  • Point of time: september-oktober

Stem

  • Stem / bark: De takken zijn 's winters fel geel gekleurd. De jonge takken zijn het hele geelgroen. De oudere takken krijgen uiteindelijk een grijsbruine kleur. Daarom moet de struik om de twee à drie jaar tot tegen de grond worden gesnoeid om steeds jonge, sterk roodverkleurende takken te krijgen

Cultivation requirements

  • Stand: Zon/lichte schaduw
  • Ground: vochtige, bij voorkeur matig tot zeer voedselrijke, humeuze, zwak zure tot liefst kalkhoudende grond.
  • Climate zone: 2
  • Special features: Verdraagt zeer goed stadsklimaat en industriële vervuiling; ook geschikt voor zeeklimaat. Gevoelig voor strooizoutOm de twee à drie jaar tot tegen de grond snoeien om nieuwe jonge groei te stimuleren

Share this page