Cornus alba Gouchaultii

Decoratief blad Opvallende herfstverkleuring Lichte schaduw Bladverliezend Klein Decoratieve schors Volle zon

Description

Zeer mooie bontbladige cultivar (uit 1888) van de witte kornoelje met glanzend purperrode twijgen. De middengroene bladeren hebben in het begin een smalle, onregelmatige crèmewitte en/of rozigwitte rand, later met geelwitte en roze vlekken.

Shape

  • Growing habit: meerstammige ovaalvormige struik met talrijke opgaande, weinig vertakte grondscheuten die op oudere leeftijd gaan overhangen
  • Height: 2-3 m
  • Width: 2-3 m
  • Vigour: snel
  • Root system: Takken die op de grond liggen schieten wortel. Goed bestand tegen verdichting

Leaf

  • Shape: tegenoverstaand; enkelvoudig; gaafrandig; elliptisch tot ovaal, scherp spits toelopend, met ronde voet, 5-10 cm lang; typisch nervenpatroon met zijnerven die gebogen naar de top van het blad lopen.
  • Color: middengroen met een smalle, onregelmatige crèmewitte en/of rozigwitte rand, en later met geelwitte en roze vlekken
  • Fall color: karmijnrood tot rozerood
  • Special features: Bonte kleur is het meest uitgesproken op een lichte standplaats. Maar in volle zon, vooral bij droogte, bestaat het risico dat het blad verbrand en verschrompelt

Flower

  • Shape: kleine stervormige, viertallige bloemen (0,5-1 cm) in eindstandige, vlakke bloemschermen van 4-8 cm
  • Color: crèmewit
  • Point of time: na het blad in mei-juni, soms lichte herbloei in september-oktober
  • Special features: Bloei is meestal niet erg opvallend. Bij struiken die in de winter zijn gesnoeid, blijft de bloei zelfs achterwege omdat ze bloeien op overjaars hout.

Fruit

  • Shape: kleine ronde steenvruchtjes, staan in trosjes bij elkaar aan rode stengels; elke vrucht bevat een ovale steen die aan het uiteinde is afgeplat
  • Color: crèmewit met (meestal) blauwige schijn
  • Point of time: juni-augustus

Stem

  • Stem / bark: Roodbruin in de zomer, glanzend purperrood in de winter. Jonge takken hebben talrijke grijswitte kurklijsten. De oudere takken krijgen uiteindelijk een grijsbruine kleur. Daarom moet de struik om de twee à drie jaar tot tegen de grond worden gesnoeid om steeds jonge, sterk roodverkleurende takken te krijgen.

Cultivation requirements

  • Stand: Zon/halfschaduw
  • Ground: Weinig veeleisend, groeit zelfs op arme gronden; verkiest een goed doorlatende maar vochthoudende grond.
  • Climate zone: 3
  • Special features: Verdraagt zeer goed stadsklimaat en industriële vervuiling; Om de twee à drie jaar tot tegen de grond snoeien om nieuwe jonge groei te stimuleren

Share this page