Cytisus Zeelandia

Zure grond Droge standplaats Klein Opvallende vrucht Wintergroen Volle zon Opvallende bloei

Description

Zeer aantrekkelijke, bloeirijke cultivar ontstaan door een kruising van C. x praecox met C. ‘Burkwoodii’. Bloeit vroeg (april) met meerkleurige, crème en rozerode bloemen. Zeer mooie vorm. Geselecteerd rond 1950.
Award of Garden Merit (AGM) 1993, 2002

Shape

  • Growing habit: vormt een vrij compacte, sterk vertakte bundel met lange, dunne twijgen die sierlijk overhangen
  • Height: 1-1,5 m
  • Width: 1-1,5 m
  • Vigour: matig tot sterk
  • Root system: wortels binden stikstof in de grond

Leaf

  • Shape: verspreide stand; enkelvoudig, langwerpig tot spatelvormig, 1-2 cm; donzig behaard
  • Color: groen
  • Fall color: /
  • Special features: /

Flower

  • Shape: typisch vlindervormig, voorzien van vlag, kiel en zwaarden; tweezijdig symmetrisch, met 5 kroonbladen en 2 kelkbladen, de kroon is langer dan de kelk; ongeveer 1 cm lang. 10 meeldraden, de stijl is opgerold. Ze staan meestal in groepjes van twee.
  • Color: vlag is roomwit, aan buitenkant lilaroze, de vleugels licht bruinrood tot rozerood, de kiel lichtgeel
  • Point of time: april-mei
  • Special features: Zeer rijke bloei op overjaars hout; bloeit vanaf het derde jaar. Goede bijenplant (bevat geen honing, maar wel veel pollen)Onaangename geur

Fruit

  • Shape: platte peulen, 2,5 tot 4 cm lang. Alleen de randen zijn behaard, de rest is kaal
  • Color: bruinzwart
  • Point of time: van juli tot het volgend voorjaar

Stem

  • Stem / bark: Groen; vijfkantig, licht gegroefd

Cultivation requirements

  • Stand: zon
  • Ground: Voedselarme, droge, lichte en goed doorlaatbare grond, neutraal tot zuur, geen kalk
  • Climate zone: 6b
  • Special features: In strenge winters kan vorstschade optreden, maar de plant loopt terug uit vanaf de wortel . Snoei voorkomt verzwakking van de struik en een stakerige groeivorm.Verdraagt zeer goed zeelucht

Share this page