Caragana arborescens

Decoratief blad Droge standplaats Bladverliezend Klein Opvallende vrucht Volle zon Opvallende bloei

Description

Extreem winterharde Caragena, afkomstig uit de steppen van Siberië en Mongolië. In het westen geïntroduceerd rond 1752.
Deze soort bloeit op tweejarig hout. De bloei met losse trossen, bleekgele bloemen tussen de lichtgroene bladen, begint halverwege het voorjaar en kan tot aan het begin van de zomer voortduren. De bloei is het rijkst in een warm voorjaar na een koude winter.

Shape

  • Growing habit: opgaande, relatief smalle, opgaande struik of kleine meerstammige boom; weinig vertakt, maar veel grondscheuten
  • Height: tot 5 m, meestal lager
  • Width: ong. 2-3 m
  • Vigour: krachtig
  • Root system: neiging tot het vormen van grondscheuten; Fixeert stikstof in de grond

Leaf

  • Shape: even geveerd, met acht tot twaalf paar blaadjes, omgekeerd eirond; ong. 15 cm lang; het jonge blad voelt zijdeachtig aan.
  • Color: lichtgroen
  • Fall color: groengeel
  • Special features: De steunblaadjes zijn gedeeltelijk tot bladdoornen vergroeid

Flower

  • Shape: kleine vlinderbloemen (ong. 2 cm), in groepjes van twee tot vier
  • Color: lichtgeel
  • Point of time: mei
  • Special features: /

Fruit

  • Shape: licht behaarde peulen van 3 à 5 cm lang
  • Color: geel, later bruin
  • Point of time: rijpen in juli-augustus

Stem

  • Stem / bark: Afbladderende schors; grijsgroen, later geelgroen.

Cultivation requirements

  • Stand: volle zon
  • Ground: bij voorkeur lichte zanderige, zeer goed doorlaatbare en droge grond; zowel kalkrijk als zuur.
  • Climate zone: 3
  • Special features: Zeer goed bestand tegen stedelijk milieu en extreme droogte. Zeer goed windbestendig, ook zeewind. Ongevoelig voor strooizout. Verdraagt alleen op jonge leeftijd sterke snoei.

Share this page