Chamaecyparis pisifera Filifera Aurea

Decoratief blad Lichte schaduw Middelgroot Opvallende vrucht Opvallende geur Wintergroen Volle zon

Description

Chamaecyparis pisifera ‘Filifera Aurea’ is een decoratieve en populaire jeugdvorm van de Japanese Sawaracipres. De aantrekkelijke gele bladschubben zijn nog niet volgroeid zijn en lijken meer op brede naalden. Ze voelen heel zacht aan.
Hij heeft een elegante, breed kegelvormige habitus, met horizontaal afstaande zijtakken die aan de top afhangen, en sierlijk als waaiers afhangende, smalle twijgen. Groeit traag en blijft lang vrij klein, maar kan uiteindelijk toch een hoogte en breedte van 5 m bereiken.
Een typisch kenmerk van de Sawaracipres zijn de erwtvormige kegeltjes (pisifera betekent erwtvormig) die de hele winter blijven hangen.
Geselecteerd rond 1889
Award of Garden Merit 1993, 2002

Shape

  • Growing habit: Regelmatige, breed kegelvormige tot conische groeiwijze met horizontaal afstaande zijtakken die aan de top afhangen, en als waaiers afhangende twijgen.ng
  • Height: 3-5 m
  • Width: 3-5 m
  • Vigour: traag
  • Root system: gevoelig voor verdichting en verharding

Leaf

  • Shape: soepele, brede, spitse naalden, 6-8 mm lang, een beetje naar binnen geplooid; staan dicht bij elkaar op de twijgen; voelen zacht aan
  • Color: heldergeel, later meer geelgroen verkleurend; met witte streepjes en vlekjes aan de onderkant
  • Fall color: wintergroen
  • Special features: citrusgeur; gele kleur is het meest intens in volle zon; gevoelig voor zonnebrand

Flower

  • Shape: Kleine mannelijke kegels, knotsvormig, ong. 1 mm lang; zitten aan de toppen van de twijgen. Vrouwelijke kegels zijn bolvormig, 2-5 mm groot, ze zitten aan de toppen van kortere twijgen.
  • Color: De mannelijke katjes zijn donkerbruin; vrouwelijke kegels zijn violetbruin
  • Point of time: april-mei
  • Special features: Eenhuizig; bloemknoppen worden aangelegd voor de winter en zijn heel de winter zichtbaar

Fruit

  • Shape: Houtige, bolvormige kegels van 4-8 mm in doorsnede; met 6-8 gladde schubben met bovenaan scherp uitsteeksel; gerangschikt in tegenoverstaande paren; zitten in kleine bundels aan korte steeltjes aan de top van de loten; gevleugelde zaden.
  • Color: eerst groen, uiteindelijk licht bruin
  • Point of time: rijp september-oktober; rijpen in één jaar; kegels blijven s winters aan de boom

Stem

  • Stem / bark: Bast is rood- tot oranjebruin, bij het verouderen vezelig en verticaal gegroefd, schilfert in verticale lagen af

Cultivation requirements

  • Stand: zon / halfschaduw, enigszins beschut tegen wind
  • Ground: vochthoudende, goed gedraineerde, humeuze grond, zand of leem, neutraal tot licht zuur, verdraagt ook matig kalk
  • Climate zone: 4
  • Special features: matig bestand tegen luchtverontreiniging en droogte; matig geschikt voor stedelijke omgeving.

Share this page