Cedrus libani Glauca (Cedrus atlantica Glauca)

Decoratief blad Kalkhoudende grond Groot Opvallende vrucht Opvallende geur Decoratieve schors Wintergroen Volle zon

Description

Cedrus atlantica of C. libani ‘Glauca’ is een populaire cultuurvorm van de Atlasceder met uitgesproken grijsblauwe naalden, vooral aan de jonge scheuten.
Het is net als de Atlasceder een majestatische, schilderachtige sierboom voor grote tuinen en parken, en voor publieke plantsoenen. Hij heeft een losse vorm die eerst breed kegelvormig, later onregelmatig en breder wordt. Hij is sterker vertakt dan de soort, soms ook meerstammig. Hij heeft lange takken waar de naalden cirkelvormig omheen groeien. Met de ouderdom groeien kleine naaldbosjes stervormig op de secundaire twijgen. Het is een prachtige boom, goed vorstbestendig.
Geselecteerd in Frankrijk in 1867.
Award of Garden Merit 1993, 2002

Shape

  • Growing habit: De kroon is aanvankelijk slank en piramidaal; bij het ouder worden wordt de kroon onregelmatiger en ronder van vorm, met een afgeplatte kruin. De zware, boven elkaar liggende takken groeien eerst rechtop, later meer afhangend vooral in de onderste helft van de boom. De buitenste twijgen wijzen neerwaarts.
  • Height: 10-25 m
  • Width: 8-12 m
  • Vigour: traag
  • Root system: gevoelig voor verharding en verdichting

Leaf

  • Shape: stijve, spitse naalden, 2-3 cm lang, staan afzonderlijk in cirkels op de lange takken; na een aantal jaren groeien kleine naaldbundels stervormig op de secundaire korte twijgen
  • Color: intens blauwgrijs, met zilverachtig witte waas
  • Fall color: wintergroen
  • Special features: aromatisch

Flower

  • Shape: De mannelijke kegels zijn conisch en hebben een lengte van 3 tot 5 cm. rechtopstaand op de kortere loten; vrouwelijke kegels zijn eivormig, 1-2 cm, en wijzen naar boven
  • Color: mannelijke kegeltjes zijn geelachtig of een beetje roze. De vrouwelijke bloemen zijn lichtgroen of roze
  • Point of time: september-oktober
  • Special features: Eenhuizig; Hij bloeit vanaf 10-15 jaar

Fruit

  • Shape: Kegels zijn rechtopstaand en tonvormig tot eirond met een uitholling aan de top, 5 tot 8 cm lang en 3-4 cm breed. De schubben zijn ongeveer 3,5 cm breed; Eens rijp, vallen de schubben af en komen de gevleugelde papierachtige zaden vrij
  • Color: groen, later paarsbruin
  • Point of time: Ze rijpen in twee jaar, vallen af in het voorjaar

Stem

  • Stem / bark: Schors is glad en zilvergrijs, bij het ouder worden komen er groeven in de boomschors en vormen zich grote platen die afschilferen. Jonge scheuten zijn dicht behaard. De knoppen zijn glimmend, blauwachtig groen en hebben een lengte van 1 tot 2 cm. Ze zitten vaak in bosjes van circa 40 stuks bijeen.

Cultivation requirements

  • Stand: zon, enigszins beschut tegen koude wind
  • Ground: Verkiest een eerder lichte, goed doorlaatbare maar vochthoudende zand of leemgrond; bij voorkeur kalkrijk, maar verdraagt licht zure grond
  • Climate zone: 6b
  • Special features: Jonge bomen beschermen tegen strenge vorst; Goed bestand tegen droogte; goed bestand tegen luchtvervuiling en geschikt voor een stedelijke omgeving; vrij goed bestand tegen wind; de centrale stam mag nooit gesnoeid worden

Share this page